Kunstenfestival Watou, 2026
Geert komt aanrijden op een verreiker, een landbouwvoertuig met een uitschuifbare arm. Raymond zit naast hem in de cabine, tegen het raam gepropt. Aan een brede katoenen lus bungelt de tractorband. Marleen, Raymond en Geert kijken toe hoe ik de eerste lijnen zet. Het krijt hecht goed op het rubber. Goodyear. Een goed merk. Krijtdeeltjes zweven tussen ons in.
‘Komt de band in het festival?’ vraagt Geert. ‘Hij gaat terug naar waar hij vandaan komt. Bij jou, op het kuilvoer.’
Klik op een afbeelding om een e-book te openen:
Bosnië, 2024
In 1997 fiets ik naar Sarajevo. Het vredesakkoord is net gesloten, maar in de hoofden woedt de oorlog voort. In de jaren erna maak ik een documentaire over hoe leeftijdsgenoten de draad van hun leven weer oppakken. Onderweg raak ik iets van mezelf kwijt. Het is niets vergeleken met wat zij hebben doorstaan, maar het verbindt me voorgoed met het land.
In 2024 ga ik met Jan Kempenaers mee om in Bosnië Spomeniks te fotograferen, futuristische monumenten die de overwinning van de partizanen op de fascisten vieren. Ik wil erop tekenen, maar het voelt grotesk en misplaatst. Ze staan er niet voor mij, maar om de wonden van het land te helen.
Klik op een afbeelding om een e-book te openen:
Gevangenis van Haren, Brussel, 2024
Jean Pierre, Fred en Laurence zien op tegen de komst van twaalfhonderd nieuwe buren achter de hoge muren aan het einde van hun straat. Buren die ze nooit zullen zien.
Wanneer de eerste lichting haar intrek neemt in het nieuwe gevangenisgebouw, ga ik mee naar binnen om te midden van de gedetineerden te tekenen. Niemand raakt de tekeningen aan. Een forse kerel met gemillimeterd haar, die al een half leven vastzit, bewaakt ze. Op een dag teken ik op zijn celmuur, wat strikt verboden is. Voor die ene lijn word ik op straat gezet, naast Jean Pierre, Fred en Laurence.
Klik op een afbeelding om een e-book te openen:
Emergent Galerie, De Panne, 2023
In de woonkamer hangen schilderijen van Raveel, Delvaux en Tuymans, zo anders dan in de volksbuurten waar ik gewoonlijk teken. Van de starende man op het Tuymans-schilderij krijg ik de kriebels. Ik begin een gesprek met hem, alsof het huis een straat is en hij een van de bewoners. Hij blijkt een interessante man.
Klik op de afbeelding om het e-book te openen:
Eerste triënnale van de Zennevallei, Ruisbroek, 2023
Vanuit een hoogwerker teken ik op de kerk van Ruisbroek. Ik waan mij boven God en alleman verheven. Daar komt abrupt een einde aan als de wielen vastlopen in het natte gras. De eigenaars en stamgasten van het volkscafé tegenover de kerk schieten mij te hulp. Aziz en Saïd, Wong, een gokker en een man met tatoeages in zijn hals treden op als reddende engelen.
Klik op de afbeelding om het e-book te openen:
De krijttekening die ik voor ogen heb, mag eindelijk het schetsboek uit. Maar dat gaat niet vanzelf. Een in de kleur van groene zeep gelakte, elektrische dinosauriër staat stil en weigert dienst. Ik heb hem nodig om het dertien meter hoge appartementsgebouw te betekenen. Er wordt een specialist gestuurd. Om het wachten comfortabel te maken haal ik uit een van de voortuinen een stoel en zet die naast het groene monster, alsof ik zijn baasje ben.
Klik op de afbeelding om het e-book te openen:
De tuinwijk Logis-Floréal stamt uit 1921 en is het eerste socialewoningbouwproject van België. De wijk telt 1735 woningen en ligt in het zuidoosten van Brussel, tegen het Zoniënwoud aan. Hij ademt nog de optimistische geest van het Interbellum. Beter is het daarna nergens meer geworden.
Ik teken op de woningen alsof het kantelen, trappen en doorgangen naar geheime kamers zijn. De bewoners daarentegen verlangen naar huizen die passen bij deze tijd: goed geïsoleerd, zonder kieren onder de deuren, met dubbel glas en een garage.
Klik op de afbeelding om het e-book te openen:
Begin februari 2020 teken ik op de afdeling voor mensen met dementie in het woonzorgcentrum van Merelbeke. Een maand later breekt de pandemie uit en wordt het centrum afgesloten van de buitenwereld. Ik teken verder in de buitenwereld, in de straten en op de huizen waar de bewoners vroeger woonden. Aan Maurice, een vriendelijke oudere heer die graag leest maar slecht ziet, beloof ik dat mijn verhaal in grote letters verschijnt, zodat hij niet hoeft te mopperen over kleine lettertjes.
Klik op de afbeelding om het e-book te openen:
In de winter voorafgaand aan het Watou Poëziefestival verkennen Jan Kempenaers en ik de akkers en landwegen rond het dorp. In de Dodemanstraat fotografeert Jan een vervallen boerderij, terwijl ik krijtlijnen teken op een staldeur. Plots verschijnen een man en een vrouw in de deuropening. ‘We wisten niet waar die schraapgeluiden vandaan kwamen’, zegt hij. Het zijn Raymond en Marleen, broer en zus, al meer dan zeventig jaar thuis in wat ooit een statige boerderij was. Aan de keukentafel wachten ze op de zomer, bij de gaskachel, luisterend naar de radio, in koel tl-licht.
Klik op de afbeelding om het e-book te openen: